Kenniscentrum Hogeschool Leiden: voortrekker in onderzoek voedselveiligheid
In het Leiden Centre for Applied Bioscience (LCAB), het kenniscentrum van de faculteit Science & Technology van de plaatselijke hogeschool, werken wetenschappers, docenten en studenten aan praktische vragen op het gebied van biodiversiteit en gezondheid. Zo doen ze onderzoek naar voedselveiligheid, onder meer via DNA-analyse. Lector Astrid Heikema en programmamanager Walter Zuijderduin leggen uit hóe en vertellen over de samenwerking met bedrijven in de regio.
Jaarlijks worden in ons land honderdduizenden mensen ziek door het eten van besmet voedsel. In een project van het Leiden Centre for Applied Bioscience wordt onderzocht hoe een ziekteverwekkende bacterie op bijvoorbeeld kippenvlees of een salade terecht is gekomen en hoe je de bron van zo’n besmetting tijdig en nauwkeurig kunt opsporen. Dat gebeurt via DNA-analyse, vertelt projectleider Astrid Heikema, lector Microbial Genomics. “We nemen de hele voedselverwerkingsketen onder de loep, van grondstof tot eindproduct. Hierdoor kunnen we de bron al vroeg in het productieproces achterhalen, zodat effectieve maatregelen kunnen worden genomen.”
Sterke band
Advanced Precision in Food Safety, zoals het officieel heet, is een van de vele onderzoeksprojecten van het Leidse kenniscentrum. In het onderzoek wordt samengewerkt met diverse partners, waaronder bedrijven uit de voedingsver werkende industrie en brancheorganisaties. Die samenwerking is belangrijk, stelt programmamanager Walter Zuijderduin. Hij is medeverantwoordelijk voor het reilen en zeilen binnen het centrum, waar ruim veertig mensen werken: lectoren (geven leiding aan de onderzoeksgroepen), docent-onderzoekers, laboranten en ondersteunend personeel. Jaarlijks lopen ook zo’n dertig studenten stage.
Astrid Heikema is een van de lectoren. Ze heeft meer dan twintig jaar ervaring in haar vakgebied, moleculaire microbiologie, en werkt sinds november 2022 bij het LCAB. Heikema doet samen met studenten vernieuwend onderzoek, onderhoudt zakelijke relaties en geldt als een verbinder. “Ik stimuleer en begeleid de samenwerking tussen onderwijs en praktijk. Mijn werk is heel divers, dat vind ik mooi.” Zuijderduin knikt. “Het ene moment krijg je een vraag over kweekvlees, dan weer hou je je bezig met de tulpenteelt.”
CSI
Het onderzoek is praktijkgericht en heeft direct impact. Neem nu voedselveiligheid, dat ons allemaal aangaat. Heikema: “Voedselverwerkende bedrijven moeten hun producten verplicht laten controleren. Als er een probleem is, moeten ze dat oplossen. Wij helpen hen daarbij.” Ze geeft een voorbeeld. “We doen onderzoek voor een bedrijf in de buurt dat kant-en-klare salades maakt. Die salades bestaan uit meerdere ingrediënten. Dankzij DNA-analyse hebben wij kunnen achterhalen bij welk ingrediënt een probleem lag.”
Ze legt uit: “We hebben de beschikking over een technologie die het bacteriële DNA in beeld brengt. Zo kunnen we een match maken tussen besmetting en besmettingsbron. We bouwen een database en bepalen of er matches zijn. Je kunt het vergelijken met DNA-onderzoek bij een moord, waarbij een dader kan worden opgespoord dankzij een haar of speeksel op de plaats delict. Net als in de televisieserie CSI, waarin een forensisch onderzoeksteam op deze manier misdrijven oplost.”
Bollenteelt
Het LCAB, een van de vijf kenniscentra van Hogeschool Leiden, beschikt over een eigen lab en heeft alle kennis en apparatuur in huis om onderzoeken van bemonstering tot analyse uit te voeren. Samenwerking is cruciaal, herhaalt Zuijderduin zijn eerdere woorden, terwijl we een rondje maken door het gebouw. Het centrum werkt samen met 150 partners, waaronder het LUMC, ‘buurman’ Naturalis en het bedrijf BaseClear. Ook met andere hogescholen heeft het kenniscentrum een goede band. De programmamanager: “Met Hogeschool Inholland zijn we een project aan het ontwikkelen in de bollenteelt: hoe kunnen we biotechnologie combineren met analyses van drones die boven de gewassen vliegen? We werken trouwens al jaren voor deze sector. Met telers, andere onderzoekers en bollenbedrijven proberen we de teelt te verbeteren en de biodiversiteit te bevorderen.”
Nuttige micro-organismen
Bedrijven van uiteenlopende aard kunnen hun praktijkproblemen of -vraagstukken aandragen, zodat samen met het LCAB kan worden gezocht naar een mogelijke oplossing. Heikema: “Wat ik supercool vind, is dat er niet wordt bezuinigd op praktijkgericht onderzoek. De overheid zet in op: wat is de meerwaarde voor de samenleving?” Ze geeft een paar voorbeelden. “We werken samen met een bedrijf dat probiotica maakt, en met een bedrijf dat ons heeft gevraagd of we bacteriën kunnen vinden die een schimmel remmen die schadelijk is voor gewassen. Bacteriën zijn dus niet alleen ziekteverwekkend maar kunnen ook erg nuttig zijn. Er zijn telkens weer nieuwe uitdagingen waar we gezamenlijk aan kunnen werken. Zo ben ik op zoek naar meer bedrijven die geïnteresseerd zijn in het ontdekken van nieuwe microbiologische stammen (verzameling micro-organismen), voor de toepassing in voedselverwerking, gewasbestrijding of als probiotica.”
Geïnteresseerde bedrijven kunnen een mailtje sturen naar: [email protected]
| Page 34 | Page 38 |